Tijdens deze sessie zullen jullie meer gaan ontdekken over de identiteit van een evangelist in relatie tot Gods identiteit en Zijn evangelie.

DE SESSIE IN ÉÉN ZIN

De identiteit van een evangelist is geworteld in de identiteit van God de Vader: wij zijn Zijn boodschappers.

ACHTERGRONDINFORMATIE

In de hoogtijdagen van Billy Grahams bediening werden jonge Christenen door zijn voorbeeld geïnspireerd om predikers van het goede nieuws te worden. De afgelopen twintig jaar heeft er een waarneembare verschuiving plaatsgevonden in de aspiraties van christelijke jongeren. Waar eerst de rol van een evangelist gezien werd als een zeer belangrijke taak in de christelijke gemeente, hebben jonge Christenen nu eerder de wens om aanbiddingsleider te worden of jeugdwerker of dominee.

De kerk heeft er zeker voordeel van gehad getalenteerde muzikanten, filmmakers en andere creatievelingen die hun gaven hebben ingezet om anderen te helpen om God te aanbidden in de verschillende gemeenten. Hij is werkelijk door werk van deze trouwe medegelovigen verheerlijkt. Maar voordat iemand een echte aanbidder, vereerder van God wordt – iemand die Hem in geest en waarheid aanbidt (Johannes 4:23) – moet men eerst het evangelie gehoord hebben en het evangelie ook daadwerkelijk hebben aangenomen (Romeinen 10:14-17).

Zo zijn ook de taken van dominee, voorganger of leraar essentieel voor de gemeente en het discipelschap en moeten deze zeker niet worden uitgevlakt of naar de zijlijn verdwijnen. Maar de dominee zal geen gezonde gemeente hebben als er lege plaatsen in de kerk zijn, omdat er geen missionaire visie is en er niet wordt geïnvesteerd in evangelisatie op de plaats waar de kerk gesticht is.

Om mensen naar het centrum te brengen van de ware eredienst, is het nodig om het evangelie aan hen uit te leggen. Met die gedachte in ons achterhoofd, zou niemand van ons zich moeten onttrekken aan de verantwoordelijkheid die we samen hebben om het goede nieuws met alle mensen te delen door te getuigen van ons geloof in Christus in de kracht van de Geest (Handelingen 1:8). De Bijbel leert ons dat alle gelovigen in Jezus geroepen zijn om het werk van een evangelist te doen (Mattheüs 28:19; 2 Timotheüs 4:5). Het Woord leert ons echter ook dat er onder ons zijn die speciaal geroepen zijn voor de taak van evangelist (Efeziërs 4:11). Voor deze mensen is het brengen van het evangelie niet slechts dagelijks getuigen zijn, het vormt de focus van hun leven.

OVERZICHT SESSIE


BIJPRATEN (20-30 MIN)

Neem de tijd om met elkaar bij te praten. Deel verhalen, bemoedig elkaar, geef feedback op de mogelijkheden die voorbij zijn gekomen om het evangelie met anderen te delen en wat de groep ook maar zou kunnen helpen. Vraag de groep om hun Bijbelse definities van evangelisatie met elkaar te delen (zie Toepassing van Sessie 1). Bespreek ze samen als terugblik op de vorige keer. Voor een kleinere Advance groep kan dit plenair worden gedaan. Ook kan het helpen om nog een korte samenvatting van de vorige keer te geven voor wie er toen niet bij was.

GEBED

Ga in gebed tot God en bidt voor de dingen die zijn opgekomen tijdens het bijpraten.

ONDERWIJS (20-30 MIN)

Werk door het volgende lesmateriaal heen op jouw manier. Dit kan door het woord voor woord door te nemen in de groep of door er zelf een eigen presentatie van te maken.

‘Ik roep je dringend op, ten overstaan van God en van Christus Jezus, die zal oordelen over de levenden en de doden, ik bezweer je bij Zijn komst en heerschappij: Verkondig de boodschap, blijf aandringen, of het nu uitkomt of niet, wijs terecht, straf en vermaan met alle geduld dat het onderricht vereist. Want er komt een tijd dat de mensen de heilzame leer niet meer verdragen, maar leraren om zich heen verzamelen die aan hun verlangens tegemoet komen en hun naar de mond praten. Ze zullen niet meer naar de waarheid luisteren, maar naar verzinsels. Jij moet echter in alles nuchter zijn, je lijden aanvaarden, je werk als verkondiger van het evangelie doen, je dienende taak vervullen.’

2 TIMOTHEÜS 4:1-5

Wat betekent het om een evangelist genoemd te worden? Zijn niet alle gelovigen geroepen om het goede nieuws van Jezus Christus met de wereld te delen? Jezus’ zendingsopdracht in Mattheüs 28 lijkt een duidelijke oproep te bevatten aan al Zijn volgelingen om de wereld in te gaan en de volken tot Zijn leerlingen te maken. Maar dan volgt er nog een klein gedeelte in Efeziërs 4 (vers 11-12) waarin er gesproken wordt over de specifieke taak van de evangelist samen met die van de herder, leraar, profeet en apostel, die bedoeld zijn om het lichaam van Christus, de gemeente, op te bouwen. Ook in Handelingen wordt Filippus (die ook diaken was) specifiek aangeduid met ‘evangelist’ (Handelingen 21:8). Wat moeten we ons dan precies indenken bij ‘de roeping van een evangelist’? Is het voor iedereen of gaat het om een speciale roeping voor sommigen?

Misschien ken je de tekst uit 2 Korinthiërs 5:17 waarin Paulus schrijft over ‘een nieuwe schepping worden door Christus’. Mogelijk heb je deze tekst ook wel eens aangehaald toen je het evangelie deelde met anderen. Maar meestal blijft het dan alleen bij dat citaat en wordt vergeten het vervolg te noemen:

‘Daarom ook is iemand die één met Christus is, een nieuwe schepping. Het oude is voorbij, het nieuwe is gekomen. Dit alles is het werk van God. Hij heeft ons door Christus met Zich verzoend en ons de verkondiging daarover toevertrouwd. Het is God die door Christus de wereld met Zich heeft verzoend: Hij heeft de wereld haar overtredingen niet aangerekend. En ons heeft hij de verkondiging toevertrouwd. Wij zijn gezanten van Christus, God doet door ons Zijn oproep. Namens Christus vragen wij: laat u met God verzoenen. God heeft Hem die de zonde niet kende voor ons één gemaakt met de zonde, zodat we door Hem rechtvaardig voor God konden worden.’

2 KORINTHIËRS 5:17-21

Om te bespreken: Hoe kunnen we dit Bijbelgedeelte verbinden met de definities van evangelisatie die we aan het begin van de sessie besproken hebben?

God is bezig de wereld met Zichzelf te verzoenen en Hij wil graag dat wij, de mensen die al met Hem verzoend zijn, ambassadeurs zijn van Zijn levensveranderende boodschap. Dit is niet alleen de taak van de ‘professionele’ evangelist, dit is de roeping van elke gelovige in Christus. De invulling van ambassadeur zijn van God kan verschillen per persoon.

Zie het zo: in een voetbalteam doet elke speler zijn best om de wedstrijd te winnen. Maar ieder heeft zijn eigen rol in het veld. De aanvallers zijn er vooral om bal tussen de twee doelpalen van de tegenstander te schieten. Maar dat betekent niet dat andere spelers dat niet mogen en dus niet kunnen scoren. Toch blijft de eerste functie van de aanvallers van het team: doelpunten maken.

Hier is nog een ander voorbeeld dat zou kunnen helpen om de bovengenoemde gedachte, over Gods ambassadeur te zijn, helder te krijgen. Denk aan een bruiloft. Elke gast met een smartphone zou geweldige foto’s kunnen maken om de herinnering aan deze speciale dag vast te leggen en een aantal van deze foto’s kunnen misschien wel terechtkomen in het trouwfotoboek van het pasgetrouwde stel. Toch zullen de bruid en de bruidegom hun eigen fotograaf ingehuurd hebben om deze speciale dag in hun leven vast te leggen. Zijn of haar vaardigheden, speciale apparatuur en de bijzondere opdracht voor de fotograaf, zullen ervoor zorgen dat er hele mooie foto’s in het album van het echtpaar te zien zullen zijn.

Als wereldwijde kerk streven we allemaal het herstel van Gods volkomen rijk na. We hebben allemaal een rol in het getuigen zijn van Hem en in het evangeliseren. Maar er zijn er onder ons die evangelisatie als hun eerste prioriteit hebben, omdat ze er speciaal voor geroepen zijn. Mogelijk gaat dat ook ten koste van andere dingen, die zij in de eerste plaats graag hadden willen doen. Dit zijn de evangelisten zoals Filippus over wie we lezen in Handelingen 21:8.

Interessant genoeg presenteert de Bijbel ‘evangelisten’ niet als degenen die evangeliseren namens alle anderen. Hun primaire rol is juist om andere gelovigen toe te rusten om te getuigen. Om hen te laten zien dat ze effectief zullen zijn in deze opdracht, doordat er Godsvrucht vanaf komt.

Als de volgende stellingen opgaan voor jou, dan kan het zomaar zijn dat je roeping als evangelist aanstaande is:

  • Je ziet ernaar uit dat verloren mensen gered zullen worden.
  • Je bent ervan overtuigd dat je het evangelie het hele jaar door moet doorgeven.
  • Je zal die taak op je blijven nemen, ondanks de moeilijkheden die dat met zich mee kan brengen.
  • Je zal de integriteit van de boodschap niet ter discussie stellen of willen afzwakken ter wille van het publiek dat naar jou luistert en liever wat anders zou willen horen dan jij te zeggen hebt.
  • Je bent er duidelijk alleen op gericht om verloren mensen te bereiken met de reddende boodschap van het evangelie, die alle kracht bevat om mensen te laten veranderen naar het beeld van Christus.
  • Je bent iemand die helder kan communiceren.
  • Je bidt regelmatig voor niet- en andersgelovigen.
  • Je gaat naar die plaatsen waar God wil dat je het evangelie zal brengen.
  • Je verlangt ernaar om anderen te helpen met hoe zij hun geloof kunnen delen in hun omgeving.

Om te bespreken: Neem de tijd om deze stellingen met elkaar door te nemen en kijk of ze van toepassing zijn op jou. Als er een evangelist of meerdere evangelisten in je groep blijken te zijn, vraag hen dan om te vertellen hoe zij hun taak, hun roeping als evangelist hebben vormgegeven of willen gaan vormgeven.

De Bijbel vertelt ons dat God niet wil dat mensen verloren gaan, maar dat iedereen tot bekering komt (2 Petrus 3:9). Het is aan de evangelist om met hetzelfde hartsverlangen van de Vader de wereld in te gaan. We delen het evangelie niet uit een verplichting of vanuit angst, maar we verspreiden het omdat onze harten in lijn zijn met het hart van onze hemelse Vader. De identiteit van een evangelist is niet te vinden in hun taak, maar in hun nieuwe identiteit als kind van God, die ook Christus’ mede-erfgenamen zijn geworden (Johannes 1:12).

Wie of wat we ook zijn of kunnen, niemand heeft de kracht om zichzelf of anderen te redden. We kunnen alleen boodschappers zijn, want het is God alleen, die mensen kan redden. Hij nodigt ons uit om te delen in zijn hart voor de verlorenen. Dit, terwijl we groeien om Hem nog beter te leren kennen als onze liefhebbende hemelse Vader wanneer we Zijn reddende kracht aan de wereld openbaren.

‘Laten we onze kleinheid vieren en wandelen in de kracht van de Geest, want evangelisatie is geworteld in de bovennatuurlijke kracht van God. Laten we blijven leren uit de waarheid van het evangelie en de diepgaande betekenis daarvan voor iedereen die we ontmoeten, omdat evangelisatie is geworteld in Gods waarheid. Laten we ook telkens in gedachten houden dat liefde de bron is en het middel om anderen te bereiken, want er is niets anders dat gesloten of weerspannige harten kan openen voor het evangelie dan alleen het uiten van Jezus’ liefde en mededogen, omdat evangelisatie is geworteld in de liefde van Christus!’

REBECCA MANLEY PIPPERT

DISCUSSIE (20 MIN)

  • Is er een verschil tussen persoonlijk van je geloof getuigen en evangelisatiewerk in het algemeen?
  • Als er van iedereen verwacht wordt om het werk van een evangelist te doen, waarom zijn er dan ook mensen die geroepen zijn om evangelist te worden?
  • Evangelist of niet, hoe ontwikkelen we in onszelf hetzelfde verlangen van het hart van onze hemelse Vader?
  • Hoe kunnen we anderen helpen, die menen dat evangelisatie alleen voor de zogenaamde ‘professionals’ is, door zelf ‘bedieners van de verzoening’ te worden?

TOEPASSING (5 MIN)

We delen het evangelie niet omdat we nu eenmaal evangelisten zijn, geroepen voor de specifieke taak of niet. Alle gelovigen zouden het evangelie moeten delen uit een natuurlijke reactie op wie God is en wat Hij gedaan heeft in hun leven. Als we veranderd worden door de liefde van de Vader, zien we er ook naar uit dat anderen door die liefde worden veranderd. Lees de komende maand het evangelie van Markus door in je stille tijd en besteed aandacht aan één van Markus’ hoofdthema’s: Jezus is de Zoon van God, de dienaar van de HEER die gekomen is om de wil van de Vader te doen. Wanneer je het evangelie binnen dit perspectief leest, vraag dan aan God of Hij je ware identiteit aan jou wil bevestigen. Je identiteit die dan wellicht niet is geworteld in je gaven of roeping, maar in wie Hij is en in wat Hij gedaan heeft.

GEBED

Dank God, onze hemelse Vader dat Hij ernaar verlangt dat niemand verloren gaat en dat Hij de weg voor onze redding door Jezus Christus heeft bekend gemaakt. Neem de tijd om voor elkaar te bidden dat God meer duidelijkheid wil geven over onze roeping om het werk van een evangelist te doen of onze roeping om evangelist te worden. Bid ook dat Hij jullie van de mogelijkheden zal voorzien om Zijn evangelie te delen en dat Hij jullie de moed zal geven om dat dan ook in de gelegenheden die jullie gegeven worden, te doen.

VERANTWOORDINGSTIJD (15 MIN)

Vraag elkaar in tweetallen of in kleine groepjes of je jezelf als een evangelist ziet (iemand die speciaal geroepen is voor evangelisatiewerk). Neem de ruimte om te reflecteren op Gods roeping op je leven enwat het voor jou betekent om trouw te zijn aan die roeping.

Neem samen de verantwoordingsformulieren door en vul ze in. Sluit het onderdeel af met gebed voor elkaar.